vieren

© Marlies de Vet, ook gepubliceerd in De Uitstraling, week 49 2017

Advertenties

een stekelige ‘braakbal’

waarneming 20 september 2017 © marlies de vet

Een braakbal… wat is dat?
Onverteerbare voedselresten die door de slokdarm omhoog gestuwd en uitgebraakt worden. Uilenballen zijn het meest bekend, maar ook andere vogels raken op deze manier onverteerbare delen kwijt. In braakballen kunnen allerlei voedselresten zitten: haren, veren, botjes, keverschildjes, pitten… In deze viltige braakbal zijn egelstekels te herkennen die verschillende richtingen uitsteken. De stekels hebben venijnige puntjes. Een onaangename ervaring voor de vogel in kwestie, lijkt mij.

Welke roofvogel waagt zich aan egels?
Op Egelbescherming.nl lees ik dat egels niet veel natuurlijke vijanden hebben:

Zodra ze onraad ruiken rollen ze zich op tot een bolletje. De kop, de pootjes en het staartje die geen stekels hebben zijn dan niet meer te zien. De meeste vijanden hebben ontzag voor de grote harde stekels en zoeken een andere prooi. Alleen grote roofvogels, kerkuilen, vossen, dassen en grote honden kunnen een gevaar zijn voor de egel.

Mijn vraag in de Faceboekgroep ‘Diersporen’ levert diverse reacties op:

  • jonge egels als misgegokt (en pijnlijk) ‘snackje’
  • de oehoe vindt egels lekker
  • een dode egel die door een aasetende vogel verorberd is (via Twitter zag ik deze foto waarop een buizerd een verkeersslachtoffer ‘opruimt’)
  • een bosuil…

Van welke vogelsoort zou deze braakbal kunnen zijn?
De vindplaats: in een oude beukenlaan onder een beuk, in bosrijk en landelijk gebied waarin meerdere soorten (dag-)roofvogels aanwezig zijn, maar ook diverse soorten uilen (op waarneming.nl is hemelsbreed op ± 10 km van de vindplaats zelfs een oehoe gespot).
De vorm: uilenbraakballen zijn minder vast van structuur dan braakballen van dagroofvogels lees ik in de Veldgids Diersporen (A. van Diepenbeek): “Vers zijn ze glanzend, donkergrijs tot zwart van kleur en meestal viltig van uiterlijk. Oudere, verweerde exemplaren zijn grijs en zien er ‘droog’ uit.

Uitpluizen?
Als een van Nederlands grootste sporendeskundigen deze vondst wil opnemen in haar sporencollectie dan is uitpluizen natuurlijk geen optie. printscreen FB-groep 'Diersporen'

Update 3 oktober 2017
Na onderzoek door Annemarie van Diepenbeek blijkt dit dierspoor – met grote waarschijnlijkheid – een vossenuitwerpsel te zijn. Zie haar uitgebreide reactie op 3 oktober in de Faceboekgroep ‘Diersporen’.

duivelsnaaigaren

Een wirwar van rode draden om de stengels van struikheide… noem het ‘naaigaren van de duivel’ en mijn belangstelling is gewekt.

flora - klein warkruid

waarneming 25 juli 2017 © marlies de vet

[…]“roode vlekken in de heide, waar thijm en calluna omstrikt en geworgd worden door de woekerende Cuscuta, het duivelsnaaigaren …”
Uit: Hei en dennen, Eli Heimans en Jac. P. Thijsse, 1897.

stengelparasiet
De warrige draadstructuur waarmee de struikheide aan elkaar ‘genaaid’ wordt, is van een parasiterende plant met de naam: klein warkruid (Cuscuta epithymum). De kiemplantjes zijn afhankelijk van een ‘gastheer’. Als een plantje een ‘gastheer’ vindt, windt het zich om de stengel en – als het erin slaagt om binnen te dringen in het vaatweefsel – voedt zich via zijn ‘gastheer’.

kwetsbaar heideplantje
Klein warkruid is vrij zeldzaam en staat op de Rode Lijst Vaatplanten. In een Vlaams ecologisch onderzoek werden de populatietrends en levenswijze ontrafeld : Klein warkruid, de rode draad door de heide (2009).

“Als een zaad van Klein warkruid op de bodem terechtkomt, moeten nog verschillende hindernissen overwonnen worden vooraleer het eventueel een bloeiend stadium kan bereiken.” (Natuur.focus 2009/4)

duivelsnaaigaren

waarneming 25 juli 2017 © marlies de vet

een aangereden hermelijn

Een dood hermelijntje naast mijn auto… da’s schrikken, “ik zal toch niet...”

waarneming 4 juli 2017 © marlies de vet

Nee, niet ik. Een boswachter had dit verkeersslachtoffertje langs de weg gevonden en meegenomen naar de werkschuur. Vervolgens is er – waarschijnlijk een vogel – mee aan de haal gegaan. En aldus vond ik het dode diertje naast mijn geparkeerde auto.

Kleine marterachtigen
De hermelijn is een roofdiertje dat, samen met de wezel en bunzing, de subgroep kleine marterachtigen vormt. Vanwege een complexe ecologie en heimelijke leefwijze is er relatief weinig bekend over deze ‘vergeten soortgroep’ van de Nederlandse natuurbescherming, aldus de Stichting Kleine Marters. Door inventarisatie (aantonen aanwezigheid) en monitoring (volgen van ontwikkeling van lokale populaties) wil men meer inzicht krijgen in het voorkomen van kleine marterachtigen en hun habitatvoorkeuren. Met deze kennis kunnen dan beschermende maatregelen getroffen worden.

Update 5 oktober 2017
Nu in Zoogdier: Hoe verbeteren we de leefomgeving voor kleine marters?

Willem I in kroningsmantel.jpg

Wist je dat…
de hermelijn een zomer- en een wintervacht heeft? In de zomer is de vacht roodbruin, in de winter is het soms wit. Het staartpuntje blijft echter altijd zwart. In het Engels heeft de hermelijn twee namen: als bruin zomerdier heet het ‘stoat’ terwijl het witte winterdier ‘ermine’ genoemd wordt. Het witte winterbont (ermine) van hermelijnen werd vroeger gebruikt voor koningsmantels.

Kleine jager van grote prooien
Op de website van Vroege Vogels staan mooie actie-foto’s van jagende hermelijntjes, inclusief een video van National Geographic waarin een hermelijn dansend een prooi vangt.

‘cheating by nature’

Stiekem eieren droppen in de nesten van schijnbaar veel te kleine vogeltjes. Maar ze komen er mee weg…” 2017 is uitgeroepen tot het jaar van de Koekoek, de grootste bedrieger in het vogelrijk.

Professor Nick Davies schreef er een boek over: Cuckoo: Cheating by Nature (2015), in het Nederlands vertaald als De Koekoek (2016).

Waarom broedt een koekoek niet?
Levert broedparasitisme voordelen op? En als dat zo zou zijn, waarom zijn er dan niet meer broedparasiterende soorten? Van de koekoeken-familie is “only 59 of the 141 species (± 40%) parasitic“. Er zijn nog “102 cuckoo-like species in the world“. Maar dat is slechts 1% van alle vogelsoorten, aldus koekoekonderzoeker Davies in zijn onthullende Royal Society Croonian Lecture over de evolutionaire strijd tussen de koekoek en de ‘gastouders’ van het koekoeksjong die het parasitaire gedrag steeds beter leren doorzien.
En dat gedrag gaat verder dan “stiekem eieren droppen“. Behalve visuele mimicry (nabootsen van het ei) en uit het nest gooien van andere eitjes en kuikens (door het koekoeksjong), omvat het broedparasitisme ook kuiken-mimicry: kuikens die lijken op de jongen van de waardvogels en hetzelfde klinken (roepmimicry). Een breathtaking (Engelstalige) lezing, die het kijken meer dan de moeite waard is!

kuikenmimicry koekoek

Still uit de lezing Cuckoos and their victims